Deel dit artikel

Roerende voorheffing op dividenden: zo betaalt u slechts de helft

U weet dat loon uit de vennootschap vrij zwaar belast wordt. En u weet dat uw dividenden in de regel onderhevig zijn aan 30% roerende voorheffing. Maar wist u ook dat u de roerende voorheffing op dividenden kan halveren? En dat op twee manieren.

Beide mogelijkheden tot tariefverlaging zijn een vijftal jaren geleden ingevoerd, toen besloten werd om de roerende voorheffing op liquidatieboni fors op te trekken (eerst naar 25% en ondertussen zelfs naar 30%).

Belangrijk om te weten: ook al beogen beide opties ongeveer hetzelfde resultaat, de weg ernaartoe en de bijhorende voorwaarden verschillen.

VVPR-bis: garanties op langere termijn

Deze regeling om de roerende voorheffing op dividenden te verlagen tot 15% geldt enkel onder volgende specifieke voorwaarden:

  • U hebt na 30 juni 2013 kapitaal ingebracht in de vennootschap in ruil voor aandelen op naam.
  • Deze inbreng moet in geld volgestort zijn.
  • In het jaar van uitgifte van de aandelen moet uw vennootschap het statuut van kmo-vennootschap bezitten.
  • De tariefverlaging geldt enkel voor aandelen die u als inbrenger ononderbroken in volle eigendom behoudt. Verkoopt u de helft van de aandelen, dan geldt voor dit deel opnieuw het standaardtarief. Hier bestaan wel uitzonderingen op, bijvoorbeeld bij familiale overdrachten.
  • Er geldt een wachttermijn voor de uitkering van dividenden aan dit gunstige tarief: u mag de dividenden pas ten vroegste na drie jaar uitkeren na de inbreng van het kapitaal. Verricht u de uitkering vroeger, dan valt de verlaagde voorheffing van 15% weg.

Let wel: deze verlaagde voorheffing is enkel voordelig als de aandeelhouder een natuurlijk persoon is. Voor aandeelhoudersvennootschappen levert dit regime, omwille van diverse vrijstellingen op uitkeringen tussen vennootschappen, minder voordeel op.

Hét grote voordeel van VVPR-bis: eens u aan de voorwaarden voldoet, blijft u 15% roerende voorheffing genieten op uw uitkeringen, ook al ontgroeit uw vennootschap zijn kleinere statuut.

Liquidatiereserve: jaarlijkse keuze

Ook hier is er sprake van een verlaging van de roerende voorheffing met 15%. Met een extra ingebouwde beveiliging tegen een eventuele vereffening:

  • Uw vennootschap dient elk jaar opnieuw te beslissen over de aanleg van een liquidatiereserve. Dit gebeurt naar aanleiding van de opmaak van de jaarrekening door middel van een boeking in de winstverdeling.
  • Om in aanmerking te komen voor de toepassing van de liquidatiereserve, moet uw vennootschap in het jaar van aanleg van de reserve het kmo-statuut bezitten.
  • U betaalt meteen 10% belasting (een anticipatieve heffing) via de aangifte vennootschapsbelasting, de overige 90% vormt de liquidatiereserve.
  • Laat u de reserve staan tot als u uw vennootschap vereffent, dan betaalt u geen bijkomende belasting meer.
  • Wenst u toch vroeger uit te keren? Indien u niet vroeger dan vijf jaar na aanleg van de liquidatiereserve tot de uitkering over gaat, betaalt u een bijkomende heffing van 5%.

Samengevat: in dit systeem betaalt u dus eerst 10%. Als u kiest om na de wachttermijn van vijf jaar jaar het dividend uit te keren, kost u dit nog eens 5%. Maar 10 + 5 is in dit geval echter niet 15. Door de berekeningswijze bedraagt de effectieve belasting slechts 13,64%.

Ook hier geldt dat de aanleg van een liquidatiereserve in de regel enkel voordelig is wanneer de aandeelhouders natuurlijke personen zijn.

Roerende voorheffing op dividenden: ons advies

Welke optie speelt het meest in uw voordeel? Wij bekijken de verlaging van uw roerende voorheffing niet enkel als een momentopname, maar als een plan voor de lange termijn. Wij helpen u mee uw vermogen optimaal te structureren, zowel op vlak van advies als uitvoering.

Maar first things first: contacteer ons snel, zodat we kunnen ontdekken wat we voor elkaar kunnen betekenen.

Publicatiedatum: 6 november 2019