VVPRbis en liquidatiereserves: waar is actie op korte termijn aangewezen?

16.12.2025

De regering De Wever I heeft einde november een akkoord bereikt waardoor de belastingheffing stijgt over dividenden uitgekeerd door KMO vennootschappen. Maar hoe zal dit nu precies uitwerken?

Algemeen

Dividenden zijn reeds belaste winsten die een vennootschap vervolgens aan haar aandeelhouders kan uitkeren. Zoals geweten bedraagt het algemene tarief van de dividendbelasting (roerende voorheffing) 30%.

KMO vennootschappen kunnen onder voorwaarden echter gebruik maken van een gunstiger tarief: de systemen van VVPRbis en van liquidatiereserve.

Wijzigingen in VVPRbis

Op heden kunnen KMO’s onder het regime van VVPRbis dividenden uitkeren tegen een tarief van 15%. Dit zal binnenkort verhogen naar 18%. De regering heeft de bedoeling om ook in voorgaande jaren gereserveerde winsten bij dividenduitkering aan het hogere tarief te onderwerpen. Concreet betekent dit dat een aandeelhouder van een KMO er belang bij kan hebben een dividenduitkering te ontvangen vóór de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving.

De inwerkingtreding wordt niet meer verwacht vóór het einde van 2025. Dit zal wellicht voor januari of februari 2026 zijn.

Niettemin rest nog weinig tijd om tot de actie over te gaan. Vennootschappen moeten op korte termijn onderzoeken welke bedragen zij alsnog kunnen uitkeren onder het lagere tarief van 15%. Hierbij kunnen zij winsten uit vorige jaren uitkeren met de techniek van het tussentijdse dividend. Voor de winsten van een lopend of nog niet goedgekeurd boekjaar bestaat de mogelijkheid van een interimdividend. Van cruciaal belang hierbij is dat zij de nodige formaliteiten ook tijdig naleven.

Wijzigingen in liquidatiereserves

Ook voor de liquidatiereserves voorziet de regering in een minder gunstige regeling. Op heden is voorzien dat vennootschappen, na betaling van een heffing van 10/110 hun boekhoudkundig resultaat kunnen verwerken als een liquidatiereserve. Vervolgens kunnen zij deze uitkeren:

  • Zonder wachttijd: tegen 30%
  • Na een wachttijd van 3 jaar: tegen 6,5%
  • Na een wachttijd van 5 jaar: tegen 5%
  • Bij vereffening: zonder heffing

In de zomer van 2025 is al beslist dat voor nieuw aangelegde liquidatiereserves het traject van uitkering na 5 jaar vervalt. Bijkomend volgt uit de recente begrotingsonderhandelingen dat het tarief van 3 jaar binnenkort verhoogt van 6,5% naar 9,8%, waardoor gecombineerd ook hier een belastingtarief van 18% zal gelden.

Voor in het verleden reeds aangelegde liquidatiereserves verandert niets. Er is dus geen urgentie om vóór de inwerkingtreding van de nieuwe wet tot uitkering ervan over te gaan.

Conclusie 

KMO vennootschappen die in aanmerking komen voor VVPRbis kunnen best op korte termijn overwegen om een dividend uit te keren, teneinde de verhoging van het belastingtarief van 15% naar 18% te dekken. Vanzelfsprekend is het relevant dat de nodige liquide middelen hiertoe aanwezig zijn.

Op zijn minst moeten deze de betaling van de roerende voorheffing van 15% kunnen dekken. Als de cash niet toelaat om het saldo van 85% op korte termijn over te maken, zal dit ook blijken uit de liquiditeitstest die onder verantwoordelijkheid van het bestuursorgaan wordt opgesteld. Een boeking op rekening courant is op zich wel mogelijk, maar kan aansprakelijkheidsrisico’s veroorzaken. Goed nadenken dus.

Voor de liquidatiereserves is geen dringende actie vereist. Het systeem wordt in de toekomst, net zoals VVPRbis, echter minder voordelig.

Gepubliceerd door
Gert De Greeve

Een andere vraag omtrent dit thema?

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.