Deel dit artikel

Audithervorming wettelijke jaarrekeningcontrole

Europa keurde een hervorming van de regeling over de wettelijke jaarrekeningcontrole goed. Wat houdt deze hervorming precies in en wat gaan de veranderingen voor u zelf betekenen? We leggen het u graag uit.

De hervorming bestaat uit twee luiken:

  • De richtlijn 2014/56/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 tot wijziging van de Richtlijn 2006/43/EG van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen (verkort ‘auditrichtlijn’).
  • De verordening EU Nr. 537/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van openbaar belang (verkort ‘OOB-verordening’).

Tegen 16 juni 2016 moet de auditrichtlijn in het Belgisch recht zijn omgezet en moeten – in voorkomend geval – de opties zijn uitgeoefend die de OOB-verordening biedt. In dit kader heeft de Hoge Raad een eerste advies uitgebracht op 16 juni 2015; een advies over de evolutie van het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren zoals dat in 2007 in België is georganiseerd.

Het tweede advies van de Hoge Raad dateert van 22 december 2015 en handelt over de omzetting van deze hervorming van de wettelijke jaarrekeningcontrole in het Belgisch recht. Het advies bestaat uit drie delen:

  • De auditmethodologie
  • De ‘reporting’ na afloop van de controlewerkzaamheden
  • De deontologie van de bedrijfsrevisoren

Wat betekent dit voor u in de toekomst?

De krachtlijnen op vlak van de auditmethodologie hebben betrekking op de normen die door uw commissaris gehanteerd worden bij het uitvoeren van de audits. Een kernpunt hier is het belang dat gehecht wordt aan het feit dat bij de toepassing van de ISA-normen het ‘scalability’-principe gehanteerd moet worden. Dit betekent concreet dat geadviseerd wordt om het principe van evenredigheid met de omvang en de complexiteit van de activiteiten van de ondernemingen in te voegen in de wet van 22 juli 1953.

De krachtlijnen op het vlak van de ‘reporting’ na afloop van de controlewerkzaamheden hebben het over de inhoud van het auditverslag en het transparantieverslag dat door de auditkantoren bekend moet worden gemaakt. De krachtlijnen op het vlak van de deontologie tenslotte hebben betrekking op regels inzake beroepsethiek. Zo komen hier o.a. adviezen aan bod die te maken hebben met de voortijdige beëindiging van een controleopdracht, opdrachten die onverenigbaar zijn met de wettelijke jaarrekeningcontrole, beperkingen voor opdrachten die verenigbaar zijn met de wettelijke jaarrekeningcontrole, met de duur van een auditmandaat en de externe en/of interne rotatie van de commissaris.

Wij houden u alvast graag op de hoogte zodra de auditrichtlijn effectief in het Belgische recht werd omgezet. Wilt u graag meer weten hierover of zit u met vragen? Kom gerust langs, wij staan steeds voor u klaar.