Beste klant of relatie, onze kantoren zijn weer open voor gebruik. We hebben voldoende beschermingsmaatregelen genomen om uw en onze veiligheid te garanderen. Graag tot snel & onze gezonde wensen voor u & uw naasten.

Ogen van de fiscus meer dan ooit gericht op buitenlandse vennootschappen met activiteiten in België

Naar aanleiding van gewijzigde Belgische en internationale fiscale spelregels, is de Belgische belastingdienst een controleactie gestart. Hierbij wenst zij na te gaan welke buitenlandse ondernemingen met activiteiten in België over een belastbare aanwezigheid (zogenaamde ‘vaste inrichting’) beschikken.

Talrijke buitenlandse vennootschappen worden momenteel geconfronteerd met een uitgebreide vragenlijst. Met behulp van deze vraag om inlichtingen wenst de fiscus meer bepaald na te gaan waar de onderhandelingen voor verkoopcontracten hebben plaatsgevonden, wie deze onderhandelingen heeft gevoerd, of er sprake was van een vaste plaats van tewerkstelling, thuiskantoor, hoe lang een installatie- of bouwwerf op Belgisch grondgebied heeft geduurd, …

Daar blijft het in sommige gevallen niet bij… In de praktijk merken we dat de fiscus steeds vaker inlichtingen zal inwinnen bij derden, bijvoorbeeld Belgisch cliënteel.

Elke buitenlandse vennootschap met activiteiten op Belgisch grondgebied doet er bijgevolg goed aan om de eventuele aanwezigheid van een Belgische vaste inrichting te (her)evalueren. Wij maken u hierna graag wegwijs in het nieuwe fiscale speelveld voor vaste inrichtingen.

Verruiming begrip ‘vaste inrichting’

Naar aanleiding van ontwikkelingen op internationaal niveau, het BEPS Actieplan van de OESO, werd het begrip ‘vaste inrichting’ substantieel verruimd. Hierdoor wijzigt het fiscale speelveld en zullen meer ondernemingen die grensoverschrijdend actief zijn voortaan een vaste inrichting hebben in België.

De nieuwe regeling zal in de meeste gevallen van toepassing worden in 2020. Wij zien echter dat de Belgische belastingdienst hier nu al op inspeelt.

1. Uw onderneming heeft een handelsvertegenwoordiger in België
Voorheen zorgde de aanwezigheid van een handelsvertegenwoordiger in België enkel voor een belastbare vaste inrichting wanneer hij/zij de bevoegdheid had om finaal de contracten te sluiten.In de praktijk werden contracten vaak op substantiële wijze onderhandeld door de handelsvertegenwoordiger, maar finaal goedgekeurd door de buitenlandse onderneming (zogenaamde “rubber stamping”). Dit is uiteraard een doorn in het oog van de fiscus.

Om paal en perk te stellen aan deze situaties, zal er door de gewijzigde spelregels reeds sprake zijn van een belastbare vaste inrichting van zodra een handelsvertegenwoordiger een “belangrijke invloed” uitoefent bij de totstandkoming van het contract.

2. Uw onderneming verricht bouw- of installatiewerkzaamheden in België
Bouw-of constructiewerkzaamheden kunnen in België enkel aanleiding geven tot een vaste inrichting, indien het project een duurtijd van 12 maanden overschrijdt (enkele dubbelbelastingverdragen afgesloten door België vermelden een kortere duurtijd).

In de praktijk blijken contracten m.b.t. bouwprojecten regelmatig al dan niet bewust opgesplitst te worden in meerdere contracten. Door deze opsplitsing van contracten kon men binnen de vooropgestelde termijn blijven en was er bijgevolg geen sprake van een vaste inrichting.

Om hierop een antwoord te bieden, is er nu bepaald dat “verbonden activiteiten” uitgevoerd door verbonden ondernemingen op dezelfde site of voor hetzelfde project samengevoegd moeten worden om de duurtijd te bepalen.

Deze nieuwe regel heeft tot gevolg dat een ondernemingsgroep niet langer de aanwezigheid van een vaste inrichting kan voorkomen door haar contracten voor een bouwproject op te splitsen. Indien er samenhorige activiteiten worden uitgevoerd voor eenzelfde bouw-, constructie- of installatiewerk door verschillende groepsvennootschappen, moet dit gemotiveerd kunnen worden door zakelijke (niet-fiscale) motieven.

2.1 Is uw bedrijf de hoofdaannemer?
Het is belangrijk op te merken dat zelfs wanneer een hoofdaannemer alle onderdelen van een project heeft uitbesteed, hij nog steeds over een vaste inrichting in België kan beschikken. De tijd die een onderaannemer op een Belgische werf doorbrengt, zal immers worden toegewezen aan de hoofdaannemer indien deze over de werf beschikt tijdens de periode dat de onderaannemer zijn werkzaamheden uitvoert.

2.2 Is uw bedrijf een onderaannemer?
Een onderaannemer kan echter ook over een vaste inrichting in België beschikken. Indien de onderaannemer toegang heeft tot de werf, kan dit het bestaan van een Belgische vaste inrichting tot gevolg hebben.

2.3 Uw onderneming beschikt over een materiële ruimte in België
Ook al heeft een buitenlandse onderneming een materiële ruimte ter beschikking in België, dit betekent niet automatisch dat er sprake is van een belastbare vaste inrichting. De wet voorziet namelijk in een zogenaamde “negatieve lijst” met uitzonderingen.

Zo vormt een inrichting die uitsluitend gebruikt wordt voor de opslag, uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar, geen belastbare vaste inrichting.

Nieuw is dat deze uitzonderingen enkel nog gelden wanneer zij van voorbereidende of ondersteunende aard zijn. Dit betekent dat de activiteit geen wezenlijk en substantieel onderdeel mag vormen van de activiteit van de onderneming in haar geheel.

Verhoogde aandacht van de fiscus
Om de buitenlandse vennootschappen met een belastbare activiteit in België te identificeren, stuurt de fiscus momenteel een uitgebreide vragenlijst naar buitenlandse ondernemingen met een Belgisch ondernemingsnummer.

Zoals al aangegeven, daar blijft het in sommige gevallen niet bij… In de praktijk zien we dat de fiscus steeds vaker ook inlichtingen gaat inwinnen bij derden. Zo zal hij een vraag om inlichtingen kunnen sturen naar uw Belgische klanten. Met behulp van deze vraag om inlichtingen wenst de fiscus na te gaan waar de onderhandelingen van het contract zijn doorgegaan, wie deze onderhandelingen heeft gevoerd, of er sprake was van een bouwwerf, …

Wat kan uw onderneming doen?
Gezien de gewijzigde spelregels en de verhoogde aandacht van de fiscus, raden wij u aan om de eventuele aanwezigheid van een Belgische vaste inrichting te (her)evalueren.

Indien er sprake is van een belastbare vaste inrichting in België, zal in een tweede stap de belastbare basis bepaald moeten worden en een aangifte moeten worden ingediend. Hierbij moet het belastbaar resultaat onderbouwd worden op basis van gangbare OESO transfer pricing richtlijnen. Belangrijk om te noteren is dat de belastbare basis die wordt toegekend aan de Belgische belastbare vaste inrichting in mindering mag worden gebracht van de belastbare basis in het buitenland (fiscale woonplaats van de onderneming), om dubbele belasting te vermijden.

Daarnaast kunnen er belangrijke gevolgen zijn voor de fiscaliteit van uw werknemers.

Hoe kunnen wij u helpen?
Wenst u na te gaan of uw onderneming over een belastbare Belgische inrichting beschikt? Heeft u een vragenlijst van de fiscus ontvangen? Wenst u assistentie bij het formuleren van uw antwoord? Kan u hulp gebruiken bij het bepalen van de belastbare basis van de Belgische vaste inrichting? Wenst u de onderbouw op het vlak van transfer pricing na te kijken?

Wij helpen u graag!

 

Publicatiedatum: 14 februari 2020

Gepubliceerd door Ashley

Een andere vraag omtrent dit thema?

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
© Van Havermaet 2020